Les 15 + 16: GEZONDHEID
 
 
 
 
In these lessons you will learn
* all body parts
* to talk about health
* to talk with a doctor
* to understand what's written on medication
* imperative verbs
 
 
Les 15:
To download the homework-file of this lesson, click HERE.
 
 
VIDEO 1-4
 
a) Watch these videos 3 times.
 
 
 
 
 
 
 
 
 


      
b) Watch the videos again and repeat.
 
 
 
 
 
TEKST 1
 
a) Luister naar de tekst en zeg mij na.
 

 
Het menselijk lichaam
 
Het menselijk lichaam wordt verdeeld in het hoofd, de romp en de ledematen.
 
Het hoofd  (head)
het voorhoofd  (forehead)
het gezicht  (face)
het oog, de ogen (eyes)
het oor, de oren, het gehoor (ear, ears, hearing)
de neus (nose)
 
De mond (mouth)
de lippen (lips)
de tong (tongue)
de tanden (teeth)
 
De romp (torso)
de borstkas (chest)
de buik (tummy, belly, abdomen)
 

 
De ledematen (limbs)
het been, de benen (legs)
de voet, de voeten (feet)
de teen, de tenen (toes)
de arm, de armen (arms)
de hand, de handen (hands)
de vinger, de vingers (fingers)
de nagel, de nagels (nails)
 
De inwendige organen (organs)
het hart (heart)
de ader (vein)
de slagader (artery)
de longen (lungs)
de maag (stomach)
de darmen (intestines)
de dunne darm (small intestine)
de dikke darm (colon)
de nieren (kidneys)
de lever (liver)
de blaas (bladder)
de alvleesklier (pancreas)
de milt (spleen)
 
 
Huiswerk oefening 15.1
 

 
Welke woorden hoort u? Schrijf op.
 
1. ...............
2. ...............
3. ...............
4. ...............
5. ...............
6. ...............
7. ...............
8. ...............
9. ...............
10. ..............
11. ..............
 
 
 
 
Huiswerk oefening 15.2
 
Er is een Nederlands kinderliedje dat begint met de woorden:
"Hoofd, schouders, knie en teen..."
 
 
Zoek het liedje "hoofd, schouders, knie en teen' op youtube.
Kunt u het vinden?
 

Verstaat u de zin die daarna komt?
"Oren, ..., ... ... ... ..."
 
 

TEKST 2
a) Luister naar de tekst.
 

 
Naar de dokter     
 
Fred Ik heb een afspraak met de dokter om 11 uur. Mijn naam is Fred de Boer.
Doktersassistent Neemt u plaats in de wachtkamer. Hij roept u zo bij zich.
...
Dokter Goedemorgen Meneer de Boer, gaat u zitten.
Fred Ik voel me niet goed.
Dokter Wat zijn de klachten?
Fred Ik ben verkouden, ik ben duizelig, ik ben misselijk. Ik ben al 2 dagen aan de diarree.
Dokter Hoe lang heeft u deze klachten al?
Fred Ik ben bang dat ik een griepje heb opgelopen. Ik lig al 3 dagen in bed.
Dokter Hebt u deze klachten al eerder gehad?
Fred Ja, maar nog nooit zo erg als nu. Vorige keer had ik oorpijn.
Dokter Hoeveel graden koorts heeft u?
Fred 38 graden. Al 2 dagen.
Dokter Kunt u uw bovenlijf ontbloten?  U kunt zich daar uitkleden.
Fred Zo, ik ben klaar.
Dokter
Adem even diep in en uit.
Doet dit pijn?
 
Fred. Een beetje.
Dokter
Doe uw mond open.
Hoest u ook?
Fred Aaaaaaaah. Nee, ik heb geen last van hoest.
Dokter U heeft geen keelontsteking zo te zien, gelukkig. Gebruikt u medicijnen?
Fred Nee
Dokter
Ik zal u een neusspray voorschrijven voor uw verkoudheid.
Verder raad ik u aan goed uw huis te ventileren en goed te blijven drinken.
Als uw koorts overmorgen niet gezakt is, moet u het me even laten weten.
Fred Het is niets ernstigs dus? Ik maakte me een beetje zorgen. Ik voel me zo beroerd.
Dokter De buikgriep heerst momenteel. Ik heb veel mensen in mijn praktijk met uw klachten. Heel vervelend voor u. Maar maakt u zich geen zorgen, het is niets ernstigs. Rust lekker uit, ik wens u heel veel beterschap.
Fred Dank u wel, dokter. Gelukkig hoef ik niet naar het ziekenhuis. Een fijne dag, tot ziens.


      
b) Zeg mij na
 


 

Woordenlijst 15.1
 
 
 
 
de afspraak  -  appointment
de dokter  -  doctor
plaatsnemen  -  to sit down, to take a seat
de wachtkamer  -  waiting-room
de klacht  -  complaint
verkouden zijn  -  to have a cold
de verkoudheid  -  (common) cold 
duizelig  -  dizzy
misselijk  -  nauseous
diarree  -  diarrhea
bang  -  afraid, scared, frightened
de griep  - flu, influenza
iets oplopen  -  to incur some desease or illness
liggen  -  to lie
eerder  -  previously
nooit  -  never
erg  -  bad
als  -  as
nu  -  now
vorige keer  -  previous time
oorpijn  - ear pain
hoeveel  -  how many, how much
graden  -  degrees (Celsius)
bovenlijf  -  chest
ontbloten  -  to bare, to denude
uitkleden  -  to undress
klaar  -  finished, ready
ademen  -  to breathe
inademen  -  to inhale
uitademen  -  to exhale
diep  -  deep
de pijn  -  pain
Doet dit pijn?  -  Does this hurt?
open doen  -  to open
hoesten  -  to cough 
 

 
de last  -  burden, trouble
last hebben van  -  to go through, to suffer from
geen  -  no, none
de keel  -  throat
de ontsteking  -  infection, inflammation
zo te zien  -  aparantly, obviously, evidently
gelukkig  -  fortunately
gebruiken  -  to use
medicijnen  -  medication
de spray  -  spray
voorschrijven  -  to prescribe, to require, to instruct
verder  -  furthermore
aanraden  -  to recommend 
ventileren  -  to ventilate, to air out
blijven drinken  -  to keep drinking
de koorts  - fever
overmorgen  - the day after tomorrow
zakken  - to go down, to descend
ernstig  - severe
iets ernstigs  - something serious, something really wrong
niets ernstigs  -  nothing serious, nothing to worry about
zich zorgen maken  -  to worry
zo  -  such
beroerd  - miserable, nasty, bad
heersen  - to rule, to be somewhere (het heerst: a disease is spreading itself)
een ziekte of besmettelijke ziekte -  contagious disease
de (dokters)praktijk  - doctor's office
uitrusten  -  to rest, to relax
beterschap  - get well soon!
hoeven  -  to have to
het ziekenhuis  -  hospital
 
 
 
 
 

c) Zeg mij na en zeg de woorden op de plaats van de puntjes
 

 
Naar de dokter     
 
Fred Ik heb een afspraak met de ... om 11 uur. Mijn naam is Fred de Boer.
Doktersassistent Neemt u plaats in de ... . Hij roept u zo bij zich.
...
Dokter Goedemorgen Meneer de Boer, gaat u zitten.
Fred Ik voel me niet goed.
Dokter Wat zijn de ...?
Fred Ik ben verkouden, ik ben duizelig, ik ben .... Ik ben al 2 dagen aan de diarree.
Dokter Hoe lang heeft u ... klachten al?
Fred Ik ben bang dat ik een ... heb opgelopen. Ik lig al 3 dagen in bed.
Dokter Hebt u deze klachten al eerder ... ?
Fred Ja, maar nog nooit zo erg als nu. Vorige keer had ik oor... .
Dokter Hoeveel graden koorts heeft u?
Fred 38 graden. ... 2 dagen.
Dokter Kunt u uw bovenlijf ontbloten?  U kunt zich daar ... .
Fred Zo, ik ben klaar.
Dokter
Adem even diep in en uit.
Doet dit pijn?
 
Fred. Een beetje.
Dokter
Doe uw ... open.
Hoest u ook?
Fred Aaaaaaaah. Nee, ik heb geen ... van hoest.
Dokter U heeft geen keel... zo te zien, gelukkig. Gebruikt u medicijnen?
Fred Nee
Dokter
Ik zal u een neusspray ... voor uw verkoudheid.
Verder raad ik u aan goed uw huis te ventileren en ... te blijven drinken.
Als uw koorts overmorgen niet ... is, moet u het me even laten weten.
Fred Het is niets ernstigs dus? Ik maakte me een beetje ... . Ik voel me zo beroerd.
Dokter De buikgriep heerst momenteel. Ik heb veel mensen in mijn praktijk met uw klachten. Heel ... voor u. Maar maakt u zich geen ..., het is niets ernstigs. Rust lekker uit, ik wens u heel veel ... .
Fred Dank u wel, dokter. Gelukkig hoef ik niet naar het ... . Een fijne dag, tot ziens.
 
 
 
 

Huiswerk oefening 15.3
 
Geef antwoord op deze vragen:
 
1. Wat zijn de klachten van Fred?
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
2. Hoe lang ligt Fred al op bed?
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
3. Welk medicijn schrijft de dokter voor?
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
4. Welk advies geeft de dokter aan Fred?
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................
...................................................................................................................................

     

Handige rijtjes


 
 
 
Kan ik een dokter spreken?  -  Can I speak with a doctor please?
 
Wilt u alstublieft snel een dokter bellen / halen?  -   Please call a doctor.
 
Welke dokter heeft nachtdienst?  -  Which doctor has the nightshift?
 
Welke apotheek heeft weekenddienst?  -  Which pharmacy is open this weekend?
 
Ik ben hartpatiënt / astmapatiënt  -  I'm an asthmatic patient
 
Ik ben geopereerd aan ...  -  I have been operated on ...
 
Ik ben allergisch voor ...  -  I'm allergic to ...
 
Ik gebruik bloedverdunners.  -  I use blood thinners.
 
 
 

 
 
 
Ik heb mijn arm gebroken  -  I have broken my arm
 
Ik ben gestoken door een insect  -  I have been stung by an insect
 
Ik ben gebeten door een kwal  -  I have been bit by a jelly fish
 
Moet ik me aan een dieet houden?  -  Do I have to stick to my diet?
 
Ik ben zwanger  -  I'm pregnant
 
Is het besmettelijk?  -  Is it contagious?
 
Is er iemand gewond?  -  Did someone get hurt? Did someone wound himself?
 
Er zijn gewonden.  -  People got injured
 
Er is een ongeluk gebeurd.  -  An accident happened.
 
Heeft u uw verzekeringspas bij u?   -  Did you bring your Insurance card?
 
 
 
 
TEKST 3 
 
a) Listen to the answering machine of Doctor Groeneveld.
 

 
Dit is het antwoordapparaat van Dr. Groeneveld.
Voor levensbedreigende situaties toets 1.
Voor afspraken en uitslagen, toets 2. 
 
Momenteel is de huisartsenpraktijk Straatweg gesloten.
De weekendarts kunt u bereiken op telefoonnummer: ...
Einde van dit bericht.
 
 
 
Huiswerk oefening 15.4:  
 
Wat is het telefoonnummer van de weekend-arts?
..................................................................

 
 
***
 
 
Huiswerk oefening 15.5
 
Herhaal hoofdstuk 1 t/m 7. Neem hier 2 uur de tijd voor.
Luister naar de teksten en neem je nagekeken huiswerk door.
Zie je al hoe gevorderd je bent?
(Repeat lessons 1 up untill 7. Take 2 hours.
Listen to the texts and go over your corrected homework so far.
Look how advanced you are!)
 
***
WEBCAM SESSION 15:
1) Tell me all bodyparts.
2) Tell me what's wrong with Fred and what the docter says.
 
 
 
 
Les 16:
 
To download the homework-file of this lesson, click HERE.
 

 
 
 
 
Huiswerk oefening 16.1
 
Bent u weleens ziek geweest?
Wat had u toen?
----------------------------------------------------------------
----------------------------------------------------------------
----------------------------------------------------------------
 
Wat doet u om gezond te blijven?
----------------------------------------------------------------
----------------------------------------------------------------
----------------------------------------------------------------
 
 
 
Extra uitleg
 
Verbs
Gebiedende wijs (imperative)
 

 
You use an imperative to give someone an assignment, request or advice.
- Doe je jas aan!   (Put on your coat!)
- Pak uw spullen!  (Get your stuff!)
- Ophouden nu!    (Stop that!)
 
De gebiedende wijs heeft 3 vormen: (The imperative has 3 forms:)
informeel (most used) stam kom! luister!
formeel (not very common) stam + t komt u! luistert u nou!
algemeen infinitief komen! luisteren!

You can use it in an urgent matter:
 
- Kom alsjeblieft op tijd.  (Please be on time)
 
You can use it in a friendly way:
 
- Doe het raam even open. (Open the window)
 
To make it more friendly, you can use the words:  eens, even, maar, toch.
- Doe het licht eens aan.                   (Would you turn on the light, please)
- Maak zelf even je brood klaar.        (Please make your own lunch package, ok?)
- Geef het maar aan mij.                   (You can give it to me)
- Breng dat maar weg.                       (Just take it away)
- Maak je toch geen zorgen.               (Don't worry)
 
 
 
 
Huiswerk oefening 16.2
 
Maak de gebiedende wijs:
Remember: just use the verb you would use with 'ik'. (the 'stam')
 
...Sta op!... (opstaan)
 
 
.....! (weggaan)
.....! (geven)
.....! (luisteren)
.....! (lopen)
.....! (pakken)
.....! (wachten)
.....! (kijken)
.....! (helpen)
.....! (waarschuwen)
.....! (beloven)
.....! (onthouden)
.....! (rennen)
.....! (lezen)
 
 
 
Extra uitleg
 
Some verbs have small helping-words (aan, op, af, weg, op) that are being separated from the verb when used in a sentence.
 

 
Bijvoorbeeld:
 
weggaan  -  ik ga weg. (niet: Ik wegga)
opstaan  -  ik sta op.
afschieten  -  ik schiet af.
aandoen  -  doe het licht aan.
klaarmaken  -  maak het brood klaar.
ophouden  -  houd op!
 
In de voltooide tijd (perfect tense) wordt de 'ge' voor het hoofdwerkwoord gezet.
Dus:
Ik ben weggegaan.
Ik ben opgestaan.
Ik heb afgeschoten.
Ik heb het licht aangedaan.
Ik heb het brood klaargemaakt.
Ik ben opgehouden.
 
 
Huiswerk oefening 16.3
 
Vul in:
1. (opeten) Ik ...  dit broodje  ... .
2. (opslaan) Ik ... dit bestand ... op mijn computer.
3. (ophouden)  ... ...! Ik vind dat niet leuk!
4. (meenemen)  Ik ...  mijn tandenborstel ... op vakantie.
 
 
 
 
Huiswerk oefening 16.4
bron: Taaltraining, W. Hemelrijk
 
Bijsluiter
 
Heeft u paracetamol in huis?
Lees het doosje eens.
En beantwoord daarna onderstaande vragen.
 

 
Paracetamol 500 mg
Te gebruiken bij: koorts en pijn bij griep en verkoudheid, koorts en pijn na vaccinatie, hoofdpijn, kiespijn, zenuwpijn, spit, spierpijn en menstruatiepijn.
Niet te gebruiken bij: overgevoeligheid voor paracetamol of een ander bestanddeel van de tabletten.
* Dosering:
leeftijd dosis per keer max. aantal tabletten per dag
4 tot 6 jaar 1/2 tablet  1 1/2 - 2 tabletten
6 tot 9 jaar 1/2 tablet 2 - 3 tabletten
9 tot 12 jaar 1 tablet 3 - 4 tabletten
12 tot 15 jaar 1 tablet 4 - 6 tabletten
Volwassenen 1 - 2 tabletten 6 tabletten
 Het toedieningsinterval moet minstens 4 uur bedragen.
 
Beantwoord deze vragen:
 
1. Je hebt pijn in je mond. Een van je tanden doet pijn. Kan paracetamol helpen tegen die pijn?
.........................................................................................
2. Je hebt de hele dag zwaar werk gedaan. Nu doen je armen en benen pijn. Kan paracetamol helpen?
.........................................................................................
3. Je bent allergisch voor paracetamol, wat moet je dan doen?
.........................................................................................
4. Je bent 30 jaar. Je hebt hoofdpijn. Hoeveel paracetamolletjes mag je nu maximaal nemen?
......................................................................................... 
5. Na een paar uur komt de hoofdpijn terug. Mag je nu weer meteen een paracetamol nemen?
......................................................................................... 
6. Hoeveel paracetamoltabletten mag je op 1 dag maximaal nemen, als je 30 jaar bent?
......................................................................................... 
 
 
Woordenlijst 16.1
 

 
paracetamol  -  commonly used painkiller, available in every drugstore
de vaccinatie  -  vaccination
kiespijn  -  toothache
zenuwpijn  -  nerve pain
spit  -  lumbago
spierpijn  -  muscular pain
menstruatie  -  menstruation
overgevoeligheid  -  over-sensitivity
ander  -  other
bestanddeel  -  ingrediënt, component
tablet  -  pill
dosering  -  dosage
leeftijd  -  age
per keer  -  at a time,every time, each time
max. (maximaal)  -  maximum, at most
per dag  -  per day
het toedieningsinterval  -  apply interval
minstens  -  at least, minimum
4 uur bedragen  -  to take 4 hours
 
 
TEKST 4
 
a) Lees de tekst
 
1-1-2 Daar red je levens mee
 
Er is 1 landelijk alarmnummer.
Als u 1-1-2 belt, krijgt u een alarmcentrale aan de lijn.
U vertelt wie u nodig heeft. De alarmcentrale verbindt u dan door.
Daarna gaat alles vanzelf.
 
Het alarmnummer 1-1-2 is er voor levensbedreigende situaties.
Als u 1-1-2 belt, dan wordt u gevraagd wie u wilt spreken en waar u bent.
De 1-1-2 alarmcentrale kunt u gratis bellen. Ook als u geen beltegoed meer heeft op uw mobiele telefoon.
Uw telefoonnummer wordt altijd herkend bij de alarmcentrale. De centrale kan u dan altijd terugbellen.
Ook als u een geheim telefoonnummer heeft.
 
Synoniemen (synonyms)
First try to figure out the meaning of the words by looking at these Dutch synonyms: 
 

 
het leven redden   -  zorgen dat je blijft leven, helpen
landelijk  -  in het hele land
het alarmnummer  -  telefoonnummer dat u belt bij ongelukken
vanzelf  -  zonder problemen
levensbedreigend  -  levensgevaarlijk
de brandweer  -  helpt als er brand is (vuur)
de ambulance  -  deze auto brengt je naar het ziekenhuis
gratis  -  het kost geen geld, je hoeft niet te betalen
het beltegoed  -  het geld op je mobiele (prepaid) telefoon
de mobiele telefoon  -  het mobieltje
het telefoonnummer herkennen  -  het telefoonnummer kunnen zien
een geheim nummer  -  een telefoonnummer dat je eigenlijk niet kunt zien
 
 
b) Luister nu naar bovenstaande tekst. (Now listen to the tekst above)
 

 
 

Woordenlijst 16.2
 


redden  -  to save, to rescue
het leven  -  life
mee  -  with
landelijk  -  national
alarm  -  emergency
centrale  -  center, plant
alarmcentrale  -  emergency call center
nodig hebben  -  to need
vanzelf gaan  -  go simply
levensbedreigend  -  life threatening, dangerous
de situatie  -  situation
beltegoed  -  call credit
mobiel(e)  -  mobile
mobiele telefoon / mobieltje  -  mobile Phone
herkennen  -  to recognise
terugbellen  -  to call back
geheim  -  secret   
 
 
c) Luister naar de tekst en zeg de woorden op plaats van de puntjes.
 

 
 
1-1-2 Daar red je levens mee
 
Er is 1 landelijk ...nummer.
Als u 1-1-2 belt, krijgt u een alarmcentrale aan de lijn.
U vertelt ... u nodig heeft. De alarmcentrale verbindt u dan door.
Daarna gaat ... vanzelf.
 
Het alarmnummer 1-1-2 is er voor ... situaties.
Als u 1-1-2 belt, dan wordt u gevraagd wie u wilt spreken en ... u bent.
De 1-1-2 alarmcentrale kunt u gratis bellen. Ook als u geen beltegoed meer heeft op uw ... telefoon.
Uw telefoonnummer wordt altijd ... bij de alarmcentrale. De centrale kan u dan altijd terugbellen.
Ook als u een ... telefoonnummer heeft.
 
 
 
Huiswerk oefening 16.5
 
Verbind de woorden met hun betekenis: 
 
1.het leven redden a. telefoonnummer dat u belt bij ongelukken
2. vanzelf b. levensgevaarlijk
3. levensbedreigend c. deze auto brengt je naar het ziekenhuis
4. de brandweer d. zorgen dat je blijft leven, helpen
5. het telefoonnummer herkennen e. zonder problemen
6. 112 f. helpt als er brand is
7. de ambulance g. het telefoonnummer kunnen zien
 
1. .....
2. .....
3. .....
4. .....
5. .....
6. .....
7. .....
 
 
 
 
 
 
 
Huiswerk oefening 16.6
 
Roken
 
De meningen over roken lopen sterk uiteen. Wat vindt u ervan?
(Opinions about smoking differ. What's your opinion?)
 
Rookt u zelf?
Roken uw familieleden of vrienden?
Mag er in uw land gerookt worden in openbare gebouwen?
Hoe is dat met cafés?
Wordt er gerookt in de cafés en restaurants in uw land?
Wat vindt u daarvan?
Wat zijn volgens u de voor- en nadelen van roken?
 
Schrijf een korte tekst.
..............................................................................................
..............................................................................................
..............................................................................................
..............................................................................................
..............................................................................................
..............................................................................................
..............................................................................................
..............................................................................................
 
 
Huiswerk oefening 16.7

Mijn Dagboek
 
Wat heeft u vandaag gedaan om gezond te blijven?
* .......................................................................
.........................................................................
* .......................................................................
.........................................................................
* .......................................................................
.........................................................................
 
 
 



DUTCH CAM CHAT nr. 16
        
 
a) Noem alle lichaamsdelen.
 
b) Lees de 'handige rijtjes' onder huiswerk oefening 8.3.
 
c) Heeft u weleens griep gehad of een verkoudheid? wat gebeurde er en hoe voelde u zich?
 
d) Vertel me iets over het alarmnummer 112.

 

 
 
Let's move forward to lesson 17!